Een kat erbij

2kattenAls er al een kat in huis is, zal er goed over nagedacht moeten worden of een tweede kat een goede beslissing is. Dit is afhankelijk van de kat die al in huis leeft. Is deze al oud? Heeft deze al met andere katten geleefd? Is het een sociale kat? Een drukke kat? Een speelse kat? Een rustige kat? Vertoont deze kat gedragsproblemen? Heeft de kat een speciaal dieet? Is de kat al chronisch ziek? Zomaar een nieuwe kat bij de al zittende heerser plaatsen zonder dat er met hem of haar rekening wordt gehouden, kan zorgen voor de grootste problemen

Een tweede kat erbij mag nooit betekenen dat de eerste kat hier onder moet lijden. Ook voor deze kat zou het leuk moeten zijn dat er nog een soortgenootje bij komt. De reden dat er een tweede kat bij komt, is vaak omdat de eerste kat zo leuk is. Als hier een kat bij komt, moeten de karakters wel enigszins bij elkaar passen. Maar ook de tweede kat zou het leuk moeten vinden dat hij bij een andere kat in huis komt wonen.

Om een goede beslissing hierin te maken kan het beste naar het volgende gekeken worden;

  • Karakter van de kat.
    • Is de zittende kat een sociale kat en al gewend geweest aan andere katten? Dan kan hier met een juiste introductie een andere sociale kat die ook gewend is om met andere katten te leven bij geplaatst worden.
    • Is de zittende kat een rustige kat? Plaats hier dan geen drukke kat bij. Dit zorgt voor conflicten en agressie onderling. Ook drukke kittens zullen als vervelend ervaren kunnen worden waardoor er problemen kunnen ontstaan.
    • Is de zittende kat een drukke en speelse kat? Plaats hier dan geen rustige kat bij. Om elkaar in evenwicht te houden is het voor beide katten fijner als ze het leuk vinden om met elkaar te spelen. Dan dat de nieuwe kat constant belaagd wordt door een clown die constant door agressie op afstand gehouden moet worden.
    • Heeft de zittende kat nog nooit met andere katten geleefd en is al op middelbare of oudere leeftijd? Dan doe je deze kat over het algemeen geen plezier met een soortgenootje en is het verstandiger om deze lekker alleen te laten.
    • Een kat die gedragsproblemen vertoont zoals in huis sproeien, is al vrij onzeker binnen zijn eigen territorium. Hier een kat bij plaatsen zal het sproeien vergeren omdat er dan nog meer redenen zijn om het territorium af te bakenen.
    • Een kat die spelagressie vertoont zal in sommige gevallen wel heel blij zijn met een speelmaatje waar hij mee kan dollen. Mits dit speelmaatje zelf ook zeer speels is en sociaal is.
    • Een kat die chronisch ziek is, heeft last van lichamelijk ongemak. Hier zou een hele rustige kat bijgeplaatst kunnen worden. Maar een opdringerige kat zal hier geen warm welkom hoeven te verwachten.

Introductie

Omdat katten zeer territoriale dieren zijn, kunnen ze ondanks dat ze andere katten gewend zijn geweest of een sociaal karakter hebben, agressief reageren op de nieuwkomer. Aan de andere kant wordt de nieuwkomer vanuit zijn territorium weggeplukt en in een nieuwe omgeving geplaatst wat een zeer stressvolle situatie is. Dit betekent voor beide katten per direct een weerstandsverlaging door deze stress en ziekten krijgen de kans om toe te slaan. Katten zijn in de regel niet bereidt om vanaf dag één zonder agressie hun territorium te delen. En nieuwkomers hebben gewoon de tijd nodig om te wennen aan alle nieuwe geuren, omgeving, mensen en gewoonten. Al met al een evenement waar geen kat op zit te wachten. Hieronder staat een stappenplan wat kan helpen bij een goede introductie. Zorg er altijd voor dat bij alle acties en interacties de katten rijkelijk beloond worden met lekkere hapjes voor een goede associatie.

Om beide katten te helpen is het beter om voor de nieuwe kat tijdelijk een aparte ruimte in te richten waar de zittende kat niet bij kan komen. Een kleine slaapkamer met kattenbak, speeltjes, eten en drinken, een slaapplek en een plekje waar hij zich kan verstoppen is voldoende. In de eerste dagen zal een verstopplekje voor de nieuwe kat het belangrijkste zijn. Een omgekeerde doos met een uitsparing waar hij doorheen kan zal uiteindelijk het proces van wennen versnellen. Als de kat deze doos daadwerkelijk gebruikt om zich te verstoppen, haal hem dan hier nooit uit. Zijn veiligheid is dan niet meer gewaarborgd en stress zal blijven en het gewenningsproces zal alleen maar verlengd worden. Zorg op deze dagen alleen voor vers voer, water en een schone kattenbak. Pas wanneer de kat uit zijn verstopplekje komt, kan het kennismaken beginnen waarbij het initiatief bij de kat hoort te liggen. Zoek geen toenadering, maar laat de kat naar u toekomen als hij zich daar prettig bij voelt.

Wanneer de kat naar u toekomt laat hem dan snuffelen aan uw hand en kijk of er kopjes gegeven worden. Wanneer de kat het prettig vindt om aangehaald te worden zal hij op dit moment wel laten blijken door kopjes te geven. Maar stop met aaien wanneer hij zich terugtrekt of uw hand probeert te ontwijken. Geef de kat wat lekkers om vertrouwen op te bouwen. En doe dit iedere keer als u de kamer in komt. Uw komst gaat iets lekkers betekenen en is voor de kat een reden om u te benaderen. Probeer met de kat te spelen als deze geen angst meer heeft en het leuk vindt wanneer u ‘op visite’ komt. Op deze manier gaat uw komst een lekker hapje en een spelletje betekenen en stress zal steeds minder een rol spelen.

Pas wanneer de kat uw komst erg leuk vindt en u kopjes geeft, wordt het tijd om geurtjes uit te wisselen met de zittende kat. De katten leren elkaar dan al op deze manier kennen, zonder elkaar te hoeven zien. Dit kan door middel van een dekentje waar op kat op heeft gelegen, te wisselen met het dekentje waar de nieuwe kat op ligt. Op deze manier kunnen de katten wennen aan elkaars geur en feromonen. De zittende kat aaien en daarna de nieuwe kat aaien helpt ook om een gemeenschappelijke geur te creeeren. Wissel deze dekentjes een aantal keer, net zo lang totdat de tijd dat aan de dekentjes gesnuffeld wordt verminderd. Dit is het teken dat het nieuwe luchtje ‘normaal’ wordt.

De nieuwe kat zou nu een andere kamer kunnen gaan verkennen waar de andere kat ook komt. En de zittende kat zou de kamer van de nieuwe kat kunnen besnuffelen. In deze fase is het nog steeds belangrijk dat ze elkaar niet zien. De nieuwe kat krijgt op deze manier de kans om het huis beetje bij beetje te leren kennen. En de zittende kat kan langzaam wennen aan de aanwezigheid van de nieuwe kat. Laat ook weer de katten bepalen hoe snel dit gaat. Als de zittende kat weer vrij snel de kamer verlaat als hij uitgesnuffeld is, is dit ook weer een teken van gewenning.

De volgende stap is de deur op een kier zetten, maar deze niet verder open kan door iets onder of achter de deur te plaatsen. De kier moet zo klein zijn dat ze elkaar niet kunnen zien, maar wel elkaar kunnen ruiken en horen. Pas als dit zonder geblaas of agressie verloopt, kan de deur een heel klein beetje (1 centimeter) verder open gezet worden. De reaktie van de katten bepaald nu hoe snel of hoe langzaam dit proces verloopt. Zodra er agressie is, verloopt het te snel en moet er weer een stap terug gedaan worden. Maar zorg tijdens deze periode ervoor dat de katten nog steeds niet bij elkaar kunnen komen.

De laatste stap is een hor of gaas plaatsen in de deuropening van het tijdelijk verblijf van de nieuwe kat. De katten kunnen elkaar nu wel zien, maar nog steeds niet bij elkaar komen. Beide katten iets lekkers geven op dat moment zorgt voor een prettige associatie. Wanneer er geen agressie wordt vertoond, zouden beide katten onder begeleiding kennis met elkaar kunnen maken zonder hor. Laat de katten nog momenten apart zitten van elkaar zodat er ook rustmomenten zijn. En laat de katten zeker niet met elkaar vechten. Ieder gevecht is een slechte ervaring wat de relatie niet ten goede komt. Mocht het wel zover komen, haal dan de katten onmiddellijk uit elkaar en zorg voor een moment van rust zonder dat de katten elkaar hoeven te zien.

Bovenstaand is een uitgebreide uiteenzetting. Maar zou eigenlijk bij iedere introductie ingezet moeten worden. De stappen worden bepaald door de katten. Sommige katten hebben meer tijd nodig dan andere katten. En met kittens zal het doorgaans veel sneller gaan dan met oudere katten. Het succes van dit stappenplan ligt meestal in het geduld van de eigenaar.